De taal

DE TAAL

Rekenen

Overzicht van tekens

De computer gebruikt soms andere tekens dan wij mensen. Deze tabel laat zien wat hetzelfde is en wat de verschillen zijn:

Omschrijving

Mens

Computer in R

Plus

+

+

Min

-

-

Keer

x

*

Gedeeld door

:

/

Is gelijk aan

=

==

Groter dan

>

>

Kleiner dan

<

<

Programmeren

Opdrachten geven

Net als mensen, spreekt een computer een bepaalde taal. In die taal kun je de computer opdrachten geven.

Een voorbeeld uit een pannenkoekrecept is: doe 150 gram boter in de kom

Een voorbeeld uit een computertaal is: print('Mijn naam is Rob')

Hieronder vind je een paar voorbeelden die de computer begrijpt:

Wat wil je?

Computertaal

Voorbeeld

Iets op scherm tonen

print()

print(328 + 72)

Twee teksten combineren

paste()

paste('ik heet', 'Rob')

Lengte van tekst bepalen

nchar()

nchar('hoe lang is dit?')

Keuze maken

if() {   }

if(nchar('Rob') < 5) {  }

Een lus gebruiken

while () {   }

while (teller < 10) {   }




Meer informatie over de programmeertaal R vind je op:

Copyright @ All Rights Reserved